Tips voor het knippen van honden- en kattennagels

De meeste huisdieren kruipen angstig weg bij het zien van een nagelschaar. Op enkele uitzonderingen na vinden zij het knippen van de teennagels geen leuke ervaring. Toch is dit iets dat regelmatig moet gebeuren als je wilt dat je troetel later geen last krijgt. Geen nood, hier vind je enkele tips die jezelf én je hond of kat heel wat stress besparen.

Om te beginnen even uitleggen waarom het kort houden van die nagels zo belangrijk is. Lange nagels zijn voor een dier allesbehalve comfortabel. Wanneer het zich moet verplaatsen, slepen deze namelijk over de grond en dat maakt wandelen en lopen erg moeilijk. Bovendien drukken de nagels zich bij elke stap dieper in het vel van je hond of kat, met mogelijke infecties tot gevolg. Dit laatste gaat bijna altijd gepaard met pijn in de poten en kan later zelfs uitdijen naar de benen van het dier.

Lange scherpe nagels zijn bovendien niet alleen hinderlijk voor het dier zelf, maar kunnen ook andere dieren of mensen - meestal onbewust - pijn berokkenen en ook meubels en dergelijke beschadigen.

Vermijd stress

Bij sommige dieren is het knippen van de nagels niet nodig omdat zij hun nagels op een natuurlijke manier afslijten bij het lopen of beklimmen van voorwerpen. Bij andere dieren - die meestal niet te veel bewegen en vaak binnenshuis blijven - slijten de nagels niet op een natuurlijke wijze af. Bij hen is regelmatig knippen de boodschap.

Hoe vaak dit moet gebeuren hangt een beetje af van dier tot dier. Bij honden zal dit om de één à twee weken nodig zijn, bij katten gemiddeld om de maand. Een algemene regel is dat de nagels te lang zijn als je ze hoort krassen op de vloer.

Het knippen zelf doe je best met een speciale schaar. Deze zijn in allerlei soorten en maten verkrijgbaar in dierenspeciaalzaken of bij de dierenarts. Voor katten kan je in principe ook een gewone nagelschaar gebruiken, maar nooit een gewone schaar.

Het beste moment voor het knippen van de nagels van je kat of hond is wanneer hij of zij rustig en slaperig is, bij voorkeur ’s avonds. Je kunt hem of haar dan makkelijk op je schoot nemen en de nagels rustig knippen. Je kunt het dier ook rechtstaand op een glad oppervlak zetten. Het heeft dan minder houvast, wat ervoor zorgt dat het voor hem of haar veel moeilijker is om tegen te stribbelen of weg te lopen. Vervolgens druk je het dier stevig tegen je borst en steek je de poten een voor een vooruit tijdens het knippen.

Tijdens het knippen moet je er vooral voor zorgen dat je enkel het witte, doorzichtige uiteinde wegknipt zonder aan het roze gedeelte van de nagel te raken. Wanneer dit per ongeluk wel gebeurt, moet je niet panikeren. Het bloeden stopt meestal na enkele minuten vanzelf. Wanneer het blijft bloeden kan je een bloedstelpend poeder gebruiken, eveneens verkrijgbaar in de dierenspeciaalzaak of bij de dierenarts.

Probeer het knippen zelf zo snel mogelijk af te handelen. Zo vermijd je dat het dier plotseling beweegt of wegtrekt en je per ongeluk op de verkeerde plaats knipt. Wanneer het dier onrustig is, kan je het knippen best in enkele keren doen. Vandaag bijvoorbeeld drie nagels, en morgen de rest. Beloon je kat of hond nadien altijd met een extra knuffel of met zijn of haar favoriete koekje.

Heb je met alle bovenstaande tips rekening gehouden en lukt het nog steeds niet? Dan doe je best een beroep op een professioneel trimmer of dierenarts.

Dit bericht is gepost op 29 april 2008 om 12:00 uur en is geplaatst in Honden verzorging, Katten verzorging.

Laat een reactie achter
ID); ?>
Andere interessante artikels: Huisdieren moeten gezond en gelukkig zijn
Puppy’s en kittens hebben speciale zorg nodig